Schrijf het van je af! – Hoe onze afdelingscoach een octopus werd op één week tijd

Iedere week brengen we een verhaal van een sterke vrouw in deze bizarre tijden van Corona. Vandaag het verhaal van onze afdelingscoach Rebecca die open en eerlijk vertelt over hoe ze de balans probeert te vinden in deze vreemde periode.

Help, ik heb het gevoel dat ik een octopus ben! Je weet wel, dat prachtige dier met 8 tentakels of vangarmen. Ja vangarmen, want zo voel ik me: ik hang aan touwtjes of liever touwen. 

Dat is hoe het vandaag voelt: ik werk thuis, maar ik ben ook mama , dochter, mental coach, poetsvrouw, ik doe het huishouden, de boodschappen en ik help mijn echtgenoot die ook niet weet waar eerst te lopen (hij werkt namelijk in de geestelijk gezondheidszorg)…. Meegeteld? Dat zijn 8 vangarmen! Het gaat even niet. Wie kent het gevoel? En wat doe jij ertegen?

Ik weet het, ik mag niet klagen. Er zijn mensen die het veel lastiger hebben dan ik (ik ben nog gezond en mijn familie eveneens), maar ik denk dat heel wat vrouwen zich hierin herkennen. We werken van thuis uit en draaien –tig dubbele shiften. Dat is zeker geen verwijt naar ‘de mannen’ toe, want nee, mijn echtgenoot doet zijn best en probeert zoveel mogelijk te helpen. Alleen, zijn werk is momenteel zoveel belangrijker dan dat van mij: hij kan voor veel mensen een wezenlijk verschil maken.

En ik dan? Ik kan dat ook!

Voor mijn moeder bijvoorbeeld, met mijn dagelijkse berichtjes en telefoontjes, want ik mag haar niet bezoeken. Ze is gelukkig (nog) niet hulpbehoevend, maar wel alleenstaand. Zwaar, maar ze slaat er zich doorheen, altijd positief en vooruitziend…  mijn voorbeeld! 

Ook voor mijn kinderen kan ik een verschil maken. Ik ben er voor hen. Ze hebben het immers ook niet gemakkelijk: de oudste moet met lede ogen toezien hoe alle producties waar ze aan mocht meewerken, één na één uitgesteld worden; mijn zoon heeft al zijn activiteiten moeten stilleggen. Gelukkig hebben kinesisten ook nog administratieve taken waar ze door moeten en nu tijd voor hebben. De jongste volgt onlinelessen. Niet plezant, zo praten tegen een scherm. Daarnaast komt er een tsunami aan taken en deadlines op haar af, … op alle studenten. Misschien wordt het de hoogste tijd dat rectoren, docenten en leerkrachten even op de pauzeknop duwen, want anders krijgt mijn echtgenoot straks in het postcorona tijdperk nog meer werk. Gelukkig heb ik stevige schouders (spreekwoordelijke schouders, want we mogen elkaar ook niet aanraken, niet knuffelen en dat vind ik het nog het lastigste van al) waarop mijn kinderen kunnen steunen en ben ik er om hen te troosten. Niet dat wij moeders dat niet willen doen he,  hun kinderen troosten, we doen dat met veel liefde en volle overgave zelfs, want daar is een moeder ook goed in. We hadden het gewoon graag anders gehad.

Voor mijn echtgenoot die samen met zijn team bergen verzet met maar één doel voor ogen: hoe loodsen we onze patiënten zo goed mogelijk door deze periode van angst en onzekerheid. Ik ben trots op hem, op zijn inzet en volle overgave. En als dat dan betekent dat ik meer huishoudelijke taken moet doen (en wie mij kent, weet dat ik dat niet graag doe), dan is dat maar zo. Voor even dan toch, want straks verwelkomen we het postcorona tijdperk en dan ga ik in de tuin zitten: in een luie zetel, met een boek en een glas bubbels, terwijl manlief met de glimlach op zijn gezicht zal poetsen.

Rebecca (nog steeds een feministe)

Heb je na het lezen van dit verhaal zin om zelf in de pen te kruipen over hoe je deze corona-crisis beleeft? Stuur dan je verhaal naar info@liberalevrouwen.be.

Algemene Vergadering Liberale Vrouwen

Op zaterdag 7 maart hielden de Liberale Vrouwen hun jaarlijkse Algemene Vergadering. Zo’n 100 liberale dames zakten af naar Brussel om daar in het Brusselse Parlement de vergadering bij te wonen. Dit jaar kozen de dames voor een speciale act en nodigden het slam-poetry duo lisette ma neza uit, die zich creatief uitten rond vrouwenrechten.

De Liberale Vrouwen verzamelden in het Brusselse Parlement voor hun Algemene Vergadering. Hierbij werden de kerncijfers van de vereniging meegedeeld en blikte men vooruit op de activiteiten van 2020. Daarnaast nodigden de dames lisette ma neva uit, een slam-poetry duo dat zich bezighoudt met vrouwenrechten. “We wilden de Algemene Vergadering dit jaar wat extra pit geven”, zo zegt voorzitter en Brussels Parlementslid Khadija Zamouri. “Daarom kozen we om lisetta me neva uit te nodigen. Zij houden zich bezig met thema’s rond vrouwenrechten en brengen dit op een originele en creatieve manier. Het was een perfecte match”, zo vult ze verder aan. “Daarnaast is het morgen internationale vrouwendag, de ideale gelegenheid dus om wat extra girlpower in de kijker te zetten!

Daarnaast sluit het algemene gedeelte van de vergadering af met een keynote rond het jaarthema van de Liberale Vrouwen. “Wij werken inderdaad elk jaar rond een specifiek thema, en dit jaar gaat het over singles. Daarom kozen we voor een uiteenzetting over Singels en Wonen door Ksenia Krasnitskaja van de Vlaamse Vereniging voor Ruimte en Planning. Dit in combinatie met de slam poetry zal onze dames zeker van hun sokken blazen”, aldus Algemeen Directeur Alexandra Roumans.

Na het voormiddag programma brachten de dames nog een bezoek aan de tentoonstelling van Claude Monet.

Open & inclusief: dit zijn de nieuwe Liberale Vrouwen!

Meer vrijheid, meer vrouw. Met die nieuwe missionstatement beginnen de Liberale Vrouwen aan een nieuw hoofdstuk voor hun organisatie. In 2021 start voor alle socio-culturele verenigingen een nieuwe beleidsperiode. Met het nieuwe beleidsplan willen de Liberale Vrouwen hun maatschappelijke impact vergroten en de organisatie én de maatschappij inclusiever maken. Met voorzitter Khadija Zamouri en een vernieuwde raad van bestuur met frisse gezichten en bakken ervaring leek de toon reeds gezet. Nu zal Alexandra Roumans als kersvers Algemeen Directeur de taak op zich nemen om de organisatie verder te versterken en uit te bouwen.

Bij een nieuwe beleidsperiode hoort vanzelfsprekend ook een nieuw beleidsplan, oftewel een nieuwe blauwdruk voor de socio-culturele vrouwenvereniging. In dit nieuwe beleidsplan, willen de liberale vrouwen focussen op drie thema’s: impact, inclusie en meer autonomie. Dit alles overgieten ze met een sausje van verjonging én vernieuwing.

En die vernieuwing start meteen met een nieuwe Algemeen Directeur: de 28-jarige Alexandra Roumans. “Een paar jaar geleden kwam ik voor het eerst in contact met de Liberale Vrouwen en zag ik meteen het enorme potentieel dat deze vereniging had. Ik ben dan ook mee gestapt in het beleidsplanningsteam, dat onder leiding stond van mijn voorganger Lieselotte Thys. Ik heb er het volste vertrouwen in dat we een future-proof plan op de tafel hebben liggen dat de toekomst van onze vereniging veiligstelt”, zo zegt Roumans.

Vooral over het punt van inclusie hebben de Liberale Vrouwen een duidelijke mening. Zo willen ze vereniging meer open maken en dus een breder publiek aanspreken. “Iedereen die mee strijdt voor gendergelijkheid en emancipatie heeft een plaats bij Liberale Vrouwen, ongeacht wat dan ook.”, aldus Roumans.

Maar ook het verkrijgen van meer financiële autonomie blijkt zeer belangrijk voor deze nieuwe beleidsperiode. “Het is geen geheim dat de socio-culturele sector onder druk staat door de besparingsmaatregelen van de Vlaamse overheid. Dat betekent ook voor ons dat we moeten nadenken over nieuwe manieren om aan middelen te geraken en nieuwe manieren van werken”, besluit Roumans.

Ook Lieselotte Thys, die haar functie als directeur verlaat voor een nieuwe uitdaging, is positief over dit nieuwe beleidsplan: “Ik heb samen met heel het team hard gewerkt aan dit plan en ik ben enorm fier op het eindproduct.”, zo zegt Thys. “Ik verlaat deze functie met een goed gevoel, onze organisatie is helemaal klaar voor de toekomst. Mij gaan ze zeker nog zien. Eens een liberale vrouw, altijd een liberale vrouw.

Liberale Vrouwen als #ecoheldinnen

Ook in 2019 doen Liberale Vrouwen weer mee met #sustainabilityweekBelgium. We sensibiliseren rond 5 eco-uitdagingen, naar een concept van VUB-fellow Pamela Peeters. De thema’s zijn : energie, afval, welbevinden, natuurbeleving en voedsel.

Dit jaar zetten we je met leuke visuals aan tot een kleine grote daad, zodat ook jij een eco-heldin kan worden !

Vele kleine dingen samen hebben een grote impact! Wat doe jij om de natuur een handje te helpen?

#ecoheroes #sustainabilityweekBelgium

Feminae Liberae: Goedele Liekens over Seksueel Geweld

Wanneer nemen we seksueel geweld eindelijk ernstig?

Al twee dagen brandt het beeld van Julie op mijn netvlies. En moet ik aan mijn eigen dochters denken die de leeftijd van Julie hebben.

Ik lees vanalles over wie welke fout heeft gemaakt. Dat debat moét natuurlijk gevoerd worden. Hopelijk neemt men daarbij een voorbeeld aan de doorlichting van de Nederlandse justitie na de moord op Anne Faber in 2017. Ook Anne werd tijdens het fietsen vermoord door een veroordeelde seksuele veelpleger. De conclusies voor de Nederlandse justitie waren vernietigend: de ene inschattingsfout na de andere, te weinig aandacht voor de veiligheid van de samenleving.

Maar dat is niet het enige wat moet gebeuren.
Als seksuologe en psychologe wil ik vooral een andere vraag op tafel leggen: wanneer gaan we als samenleving de pandemie van seksueel geweld ernstig nemen? En vooral: wanneer gaan we inzetten op snelle detectie en preventie?
Opnieuw kunnen we van Nederland leren. Twintig jaar geleden al had men daar door dat je bij seksuele delinquenten onmiddellijk moet ingrijpen. Vroege vergrijpen hebben een belangrijke signaalfunctie. Als je niet onmiddellijk ingrijpt wanneer het misloopt, riskeer je een escalatie met veel ernstigere feiten. Terwijl ik met de Nederlandse Rutgers Stichting verplichte therapietrajecten voor seksuele delinquenten uitwerkte, haalde men in ons land de schouders op. “Boys will be boys” en nog meer van dat soort onzin, hoorde ik.

Ik mag echt hopen dat de geesten intussen gerijpt zijn.
Men kan seksueel geweld niet blijven onder de mat vegen. In ons land worden elke dag opnieuw vrouwen verkracht, afgeranseld, gepest, bedreigd, vernederd en geïntimideerd. Elke dag doen acht vrouwen aangifte van verkrachting. In slechts 4 procent (!) van die verkrachtingen, leidt de aangifte tot een veroordeling. België werd voor dit schandalig lage cijfer door de Verenigde Naties op de vingers getikt.

We zijn één van de enige Europese landen die geen wet heeft die huiselijk geweld strafbaar stelt. Nochtans komen er in ons land 40.000 klachten over huiselijk geweld binnen bij de politie. Dat zijn er 110 per dag. Twee op de drie klachten worden geseponeerd, wat betekent dat het Openbaar Ministerie beslist om niemand te vervolgen. Die 40.000 klachten leiden maar in 40 gevallen tot een tijdelijk huis- en contactverbod voor de dader. De aanpak van huiselijk geweld is dus blijkbaar maar een probleem van een paar nullen na de komma. Quod non.

En à propos, kunnen we ook stoppen met vrouwen de schuld te geven wanneer ze verkracht worden? Mijn bloed ging aan het koken toen ik las dat Julie ‘op het verkeerde moment op de verkeerde plaats was’. Als er één iemand op dat ogenblik ergens anders hoorde te zijn was het de moordenaar. In de cel, voor vele jaren, want tot twee keer toe veroordeeld voor verkrachting. Met het noodlot of met brute pech heeft dit niets te maken. Dat zelfs maar suggereren, is het zoveelste voorbeeld van victim blaming, waarbij meisjes en vrouwen de schuld krijgen omdat sommige mannen hun poten niet kunnen thuishouden.

dit opiniestuk is van Goedele Liekens

Erfgoeddag 28 april : Ambachts M/V/X

  • Ons uitgangspunt voor Erfgoeddag dit jaar is om historisch gegroeide clichés rond ambachten te doorbreken. Waarom spreken we vandaag de dag nog steeds over vakmanschap en de ambachtsman? Doorheen de geschiedenis zien we dat de rol van erkende ambachtslieden vooral was weggelegd voor mannen. Dit wil echter niet zeggen dat vrouwen geen prachtige en kwalitatieve dingen maakten, maar wel dat ze er geen erkenning voor kregen.

PROGRAMMA (Gratis en u kan kiezen aan welke delen u wil deelnemen)

Deel 1 – 11u-12u: Lezing Nena Vandeweerdt

Hoe is de wereld van de ambachten en vaklieden geëvolueerd? Welke plaats namen vrouwen in doorheen de geschiedenis en was dit hun vrije keuze of niet? Hoe staan we er vandaag voor? Nena Vandeweerdt, onderzoekster aan de KULeuven, neemt je mee doorheen de geschiedenis van de vrouw binnen de ambachten.

Deel 2 – 14u-16u: Workshop wolbewerking
(plaatsen zijn beperkt dus inschrijven is verplicht)

Je krijgt tijdens Erfgoeddag ook de kans om de handen uit de mouwen te steken en te ervaren hoe het is om aan ecologische wolbewerking (spinnen en weven) te doen. Dit zal gebeuren onder begeleiding van Monique Vierendeels van Herba Lana, een ecologisch wol- en verfatelier.

PRAKTISCH

Datum: 28 april 2019
Locatie: M34, Melsensstraat 34, 1000 Brussel
Inschrijven via info@liberalevrouwen.be

Er is de mogelijkheid tot broodjeslunch, hier vragen wij wel een bijdrage van €5 voor. Uiteraard zijn er in de buurt van de locatie ook enorm veel lunchmogelijkheden.

Tot dan!

Team Liberale Vrouwen

Molenbeek revisited – niet zonder de vrouwen

Molenbeek staat op de wereldkaart sinds “de aanslagen”, in negatieve zin dan, als verzinnebeelding van de hell-hole en als alles waar we schrik voor hebben. Een beeld dat gewoon vrààgt om bijsturing. Khadija Zamouri werd er zopas onze blauwe schepen, minister Sven Gatz schreef de aanslagen van zich af in een Brusselse vertelling genaamd Molenbeek/Maalbeek.

“Ik weet nog altijd niet wat schrijven,” reageerde Brussels parlementslid Khadija Zamouri in een column, exact 2 jaar na de aanslagen van 22 maart 2016, twee-en een half jaar na de aanslag in Parijs op 13 november 2015. Sven Gatz weet het blijkbaar wel, hij schreef er een heel boek over. Het is fictie, en toch zijn het getuigenissen. Het is een roman en toch zit het vol politieke meningen. Het gaat over Brusselaars en over hoe ook niét-Brusselaars het hart van de stad voelen pompen.

Sliding doors
Kent u de film Sliding Doors  uit 1998 met Gwyneth Paltrow? Het is een ”what if-”verhaal  waarin twee verhaallijnen elkaar kruisen. Wanneer het hoofdpersonage naar het station gaat haalt ze in wat-als-1 haar trein, maar in wat-als-2 net niet. Die kleine wankeling in de tijd doet haar leven langs twee volkomen andere pistes lopen: de vrouw die de trein niet haalt betrapt haar partner in bed met een ander, haar andere zelf rekt de relatie nog tot een zwangerschap.

Er is een kleine gelijkenis met  Molenbeek/Maalbeek, het boek van Gatz, die in uiteengerukte tijdsflarden op die noodlottige 22 maart, een aantal mensen volgt die zich de hele dag ook bezig houden met een ‘wat-als’ scenario. Wat als ik eerder vertrokken was en op die metro had gezeten?  Is mijn man die bij de transportmaatschappij werkt veilig? Raak ik straks nog thuis?  Waarom wordt de gsm niet opgenomen? Oh nee, laat mijn geradicaliseerde broer er niét bij zijn, bij de daders!  De dag begint onschuldig, in de heel verschillende milieus van Hamida uit Molenbeek, van een Britse expat voor wie Maalbeek een dagelijks referentiepunt is,  van een Vlaming uit de Rand, een Dansaertstraat-Marokkaan die bij de VRT werkt en alledaags racisme ervaart over zijn ‘goede Nederlands’, een jongen uit een asielcentrum en brandweervrouw Françoise. Naarmate het uur vordert, er meer klaarheid komt over de aard en hoegrootheid van de aanslagen, en het onaards zonnige Brussel in lock-down gaat, lezen we mee in de gedachten van deze personages.

With a little help from your friends
Een auteur moet zijn research doen, en Sven Gatz deed dat onder meer met de hulp van diezelfde Khadija, want zij was zijn intro in het Molenbeekse milieu van mensen die ook nog steeds niet weten wat te zeggen, wat te schrijven, en worstelen om het te verwerken.

Zij vroeg in haar column, 2 jaar na de aanslagen “aan politici die de vreselijke gebeurtenissen willen gebruiken om hun politiek marktaandeel te vergroten door de politieke verantwoordelijkheid in een voorspelbare hoek te leggen, om enige afstand te nemen”. Dat gold niet voor Gatz, die met respect wou vernemen hoe Molenbeek zelf zijn wonden likt. Hij wou in contact komen met de vrouwen uit haar column: “Vooral de Molenbeekse vrouwen kregen het in die periode zwaar te verduren. De confronterende kille blikken van voorbijgangers en de wijzende vingers van de rest van de wereld kwamen bij hen extra hard toe. Zij werden beschouwd als dé verantwoordelijken. Het ging immers om “hun” zonen die de aanslag pleegden”.

Parlementslid Khadija Zamouri, die eind 2018 ook aantrad als kersverse blauwe Molenbeekse schepen voor Jeugd, Sociale cohesie, Netheid en Nederlandstalige aangelegenheden, bracht Gatz in contact met het initiatief Wijkacademie samen met Odisee Hogeschool, ontstaan nà de aanslagen: vrouwen kwamen er samen in iets dat het midden hield tussen een praatgroep en een waarheidscommissie, en konden spreken over de traumatische gebeurtenissen die ook hun levens overhoop hadden gehaald. Hoe leggen moeders uit dat die tot de tanden bewapende militairen in het straatbeeld niet de dreiging zijn, terwijl de kinderen overal in de media horen dat Molenbeek vol terroristen uit hun gemeenschap zit? Kinderen denken dat die soldaten er zijn om hen kwaad te doen, dat ook zij nu als slecht gezien worden. En hoe zit dat in gezinnen die verscheurd worden door radicalisering, of door wanhopige reacties op de stigmatisering die een hele groep ondergaat omdat er rotte appels in de mand liggen?

“Ik heb gezien hoe aangedaan Sven Gatz was na ontmoetingen “in het veld” met deze vrouwen,” weet Kadija Zamouri, “en ik kan met zekerheid zeggen dat de aanslagen mijn gemeente Molenbeek sterk hebben getekend. De gemeente zit, 2 jaar later, nog steeds midden in een proces van traumaverwerking. Natuurlijk is het confronterend om te moeten vaststellen dat alle inspanningen van het beleid ten spijt, we er niet in geslaagd zijn om de jongeren die de aanslagen pleegden op het juiste pad te houden. De daders zijn individueel verantwoordelijk maar hebben ook wij niet gefaald? Als die moeders het zich durven afvragen, moeten we dat ook als maatschappij wel durven doen. Ik geloof dat verandering kan, hoofdzakelijk via vrouwen, al moeten we natuurlijk de mannen en jongens wel mee hebben, anders zijn we serieus “gejost”. Molenbeek keert het tij, zéker met de hulp van mensen van hier die ook vinden dat wel uit dit diepe dal moeten raken”.

Koning
Khadija haalt aan dat Molenbeek positieve ambassadeurs kan gebruiken: “De mensen vergeten de geschiedenis heel snel. Wist u dat Koning Albert, de éérste, na het einde van de eerste wereldoorlog zijn Brusselse blijde intrede deed via Molenbeek en het Zwarte-Vijversplein? Hij maakte daarmee ook een statement! Want zelfs toen al was Molenbeek niet echt de chique kant van Brussel. Historica Sophie De Schaepdrijver geeft aan dat het een strategische keuze was, om het nieuwe sociale contract aan te geven dat hij wilde tussen de burgers en de staat. Dat klinkt toch echt als iets dat vandaag weer helemaal aan de orde is? Met dit in gedachten hebben we om het einde van de oorlog ’14-’18 te gedenken herinnert aan het gewone leven tijdens in Molenbeek tijdens de oorlog, aan de vaak vergeten rol van niet-Europese troepen tijdens het conflict (wat meteen voor heel wat meer ‘linking’ zorgt in een smeltkroesgemeente als Molenbeek), en aan dat trotse moment dat de koning via Molenbeek weer zijn entree maakte. We hebben daar een schitterend project rond opgezet, uitgewerkt door de Vrije Universiteit Brussel, met een expo, lezingen, herdenkingen, en een stadsspel dat jongeren aanspreekt. Door verbondenheid uit het verleden over te tillen naar nu, moeten we er ook in slagen verbondenheid voor een gemeenschappelijke toekomst aan toe te voegen. Molenbeek kan zulke projecten gebruiken, omdat ze op vele niveaus spelen, aan het denken zetten, positief in de wereld staan en willen verbinden. Nog van dat.
Daarom was het een veel meer dan symbolisch dat Koning Filip onlangs de Franse president Macron tijdens zijn staatsbezoek naar Molenbeek bracht, precies dié plaats die voor de wereld synoniem was geworden van een nest van aanslagenplanners. Als hij dat kan overstijgen, geeft dat mij als politica én als mens ook moed om aan de weg te timmeren.”

Auteur: Aviva Dierckx
eerder verschenen in Volkbelang nav het verschijnen van het boek, onder de titel: Molenbeek keert het tij.

Feminae Liberae : Alleenwoners are here to stay, zegt Carla Dejonghe

Alleen wonen in perspectief
35% van de Belgische huishoudens bestaat uit één persoon. In grote steden is dat zelfs al 1 op 2 huishoudens. In België wonen zo’n 1,7 miljoen mensen alleen. Alle bevolkingsprognoses wijzen op een verdere toename van deze groep in de komende decennia dus het beleid kan niet blind blijven voor hun noden en vragen.

Als we het hebben over alleenstaanden, dan moeten we trouwens het clichématige beeld van de happy single zoals die geportretteerd wordt in de Amerikaanse serie ‘Sex and the City’ achterwege laten. De grote groep alleenstaanden is zeer divers: vrijgezellen, gescheiden personen, weduwes en weduwnaars, alleenstaande ouders, oudere personen, … Het gaat vooral over een groep mensen die door veranderende situaties alleen komt te staan en dus niet noodzakelijk zelf voor hun alleenwoonsituatie hebben gekozen. Velen onder ons zullen op een bepaald moment in ons leven een tijdje alleen komen te wonen.

Er is trouwens een opmerkelijk verschil tussen de Europese landen onderling. In de Scandinavische landen bestaat de helft van de huishoudens uit eenpersoonsgezinnen, terwijl in de meer Zuidelijke landen zoals Italië, Griekenland en Portugal getrouwde koppels in de meerderheid blijven. Het zou interessant zijn om te onderzoeken hoe deze grote verschillen verklaard kunnen worden.
Inzake het percentage alleenwonenden scoorde het Vlaamse Gewest (31%) in 2018 op hetzelfde niveau als de groep van EU-landen met een laag aandeel alleenwonenden. 
In het Waals Gewest (35%) lag dat aandeel hoger en op hetzelfde niveau als het EU-gemiddelde.
Het Brussels Hoofdstedelijke Gewest (46%) behoorde zoals de Scandinavische landen en Duitsland tot de groep met het hoogste percentage alleenwonenden.

Alleenwoners in de stad
Het aandeel alleenwoners ligt hoger in grote steden. De stad heeft altijd een grote aantrekkingskracht op alleenwoners gehad. Maar die invloed is wederzijds. Het stijgend aantal alleenwoners verandert niet alleen onze manier van wonen en bouwen (kleinere appartementen, gemengde projecten, cohousing), maar ook het weefsel van een stad. Met zijn brede waaier aan ontmoetingsplaatsen, biedt een stad de mogelijkheid om alleen te wonen op een collectieve  manier. De Amerikaanse socioloog Eric Klinenberg is ervan overtuigd dat alleenwoners het verschil kunnen maken in steden. Ze spelen een belangrijke rol bij het revitaliseren van wijken en steden doordat ze hun sociale contacten buitenshuis zoeken en dus de vraag naar ontmoetingsplaatsen toeneemt.

De eerste Belgische belangenvereniging voor alleenwoners
In 2013 lanceerde ik de term ‘singlesreflex’ waarbij ik opriep om bij elke nieuwe beleidsmaatregel even stil te staan bij de vraag wat het effect daarvan zal zijn op mensen die alleen wonen. Tegelijkertijd heb ik ook steeds een systematische doorlichting van onze bestaande regelgeving verdedigd. Op die manier kan men de pijnpunten blootleggen en voorstellen uitwerken voor een meer singlesvriendelijk beleid.

Omdat ik vond dat er meer onderzoek moet komen naar de situatie van alleenwoners, lanceerde ik in het najaar van 2013 een enquête bij de Brusselse alleenstaanden om te peilen naar hun noden en behoeften. Dit gaf me een beter inzicht in de problematieken waarmee alleenwoners geconfronteerd worden.
In die tijd werd er ook aan mijn mouw getrokken om een partij voor alleenstaanden op te richten. Maar de aandacht voor alleenwoners moet een aandachtspunt zijn voor alle partijen, vind ik. Daarom heb ik in 2015 een groep ervaringsdeskundigen bijeengebracht en dat heeft geleid tot de oprichting van all1 vzw. De doelen van deze vereniging zijn: de alleenwoonproblematiek onder de aandacht brengen, lobbyen tegen singlesonvriendelijk beleid, stimuleren van wetenschappelijk onderzoek rond het thema en mensen bijstaan met specifieke vragen/problemen die verband houden met of voortkomen uit hun status als alleenwoner.

Eerlijke fiscaliteit
De Belgische alleenwoner zonder kinderen is de zwaarst belaste categorie in heel West-Europa. Hij draagt gemiddeld 56% van zijn brutoloon af, bij een hoog loon zelfs 60%. De oorzaak daarvan is de belastingvrije som, dat is het deel van je inkomen waarop je geen belasting moet betalen. Voor iedereen geldt een gelijk basisbedrag, dat substantieel wordt verhoogd als je bv. kinderen ten laste hebt. Daarnaast kan een samenwonende, door middel van het huwelijksquotiënt, tot 30% van zijn inkomsten doorschuiven naar de belastingbrief van zijn partner met geen of een laag inkomen en zo in een lagere belastingschijf terechtkomen.
Tot de vroege jaren 2000 kreeg een alleenstaande een hogere belastingvrije som, ter compensatie van de kleinere financiële draagkracht ten opzichte van samenwonenden. Het Grondwettelijk Hof heeft toen geoordeeld dat dit niet correct was. De hervorming van de personenbelasting, zoals besloten in de wet van 10 augustus 2001, beoogde daarom de neutraliteit van de belastingdruk ten aanzien van de gekozen samenlevingsvorm. Volgens deze logica, wordt sinds het aanslagjaar 2005 dezelfde belastingvrije som toegekend aan alle belastingplichtigen, waardoor alleenstaanden een belangrijk fiscaal voordeel verloren. Mijn voorstel is dan ook: verhoog de belastingvrije som dan voor alle belastingplichtigen. Dat is wel conform de grondwet. In België bestaan verschillende forfaitaire belastingen die per gezin worden betaald en niet per persoon. In het Brussels Gewest werd de forfaitaire gewestbelasting van 89 euro in 2016 afgeschaft. Het Vlaams en Waals Gewest heffen nog forfaitaire provinciebelastingen. Bij de invoering van de Vlaamse energieheffing van 100 euro per huishouden per jaar in maart 2016, die intussen gelukkig werd verlaagd naar 10 euro, hebben we onmiddellijk aan de alarmbel getrokken: dit gaat regelrecht in tegen de vraag naar een meer proportionele fiscaliteit. Hetzelfde geldt voor de Vlaamse waterfactuur: Naast het effectief waterverbruik, komt er per adres een vastrecht van 100 euro bij, met een korting van 20 euro per gedomicilieerde. Het vastrecht voor een alleenstaande bedraagt dus 80 euro, voor een gezin van vier personen 20 euro. Zo’n forfaitaire taksen wegen bij alleenwoners extra hard door.

Ook op het niveau van de gemeenten worden forfaitaire taksen geïnd, zoals de afvaltaks. Dat is evenmin eerlijk: Een gezin met kinderen produceert toch veel meer afval dan één persoon. In Mechelen voerde men daarom ter compensatie een ‘Mechelenbon’ van 25 euro waarmee de Mechelse alleenstaanden kunnen betalen bij de lokale handelaars in de stad.

Wij staan een leefvormneutrale fiscaliteit voor, die afgestemd is op de individuele leefvorm en niet op de klassieke gezinssituatie. De fiscaliteit mag bepaalde leefvormen noch bevoordelen noch benadelen.
De Federale minister van Financiën kondigde op 19 mei 2017 aan werk te willen maken van een grotere fiscale rechtvaardigheid tussen de verschillende gezinsvormen. Wat de fiscus vandaag verstaat onder ‘gezin’ beantwoordt al lang niet meer aan de maatschappelijke realiteit. Er woonden nog nooit zoveel alleen als vandaag en echtscheidingen en nieuw-samengestelde gezinnen zijn al lang geen uitzondering meer. Om die reden werd SD Worx gevraagd de fiscale behandeling van werknemers in verschillende gezinsvormen te analyseren. Op basis van deze studie trekt de minister binnenkort met een aantal voorstellen naar de regering. Het is veelbelovend dat de federale regering zich bereid toont om fiscale onrechtvaardigheden tussen de verschillende gezinsvormen te willen blootleggen en oplossingen te zoeken. In de pers lazen we onder andere voorstellen over meer fiscale gelijkheid voor co-ouders en het creëren van een statuut voor feitelijk samenwonenden. We verwachten echter wel dat ook de specifieke situatie van kinderloze alleenstaanden, die de hoogste personenbelasting betalen van alle Oeso-landen, onder de loep wordt genomen. Zo niet, dan zou deze hele ‘fiscale correctie’ een gemiste kans zijn.

Alleen wonen is duur
Alleen wonen is duur. Alleenwoners kunnen niet genieten van schaalvoordelen en staan alleen in voor de hoge woon- en energiekosten. Er is dan ook nood aan meer betaalbare en kleinere (koop)woningen voor alleenwoners. Let op, we spreken dan niet over studio’s. Een alleenwoner beschikt ook graag over een beetje extra ruimte voor een bureau en/of logé. Alleen kopen is trouwens niet evident: Je moet alleen een eigen inbreng ophoesten en met één inkomen de lening afbetalen. Bij de marktleider voor woonkredieten BNP Paribas Fortis bedraagt de maandelijkse afbetaling van een alleenwoner gemiddeld 610 euro. Dat is amper 10 procent minder dan de 676 euro die tweeverdieners gemiddeld aflossen. Wie wel een eigen woning kan kopen, kan voor zijn lening maar half zoveel belastingvoordeel krijgen als een koppel. In Vlaanderen wordt de zogenaamde woonbonus niet toegekend per woning, maar per persoon. Koppels die samen een woning kopen krijgen dus een dubbel belastingvoordeel. De belastingen op het bezit van een woning worden wél geheven per woning: de registratiebelasting bij de aankoop en de jaarlijkse onroerende voorheffing zijn identiek voor koppels en alleenwoners. Het is duidelijk dat lasten in België vaak per adres of gezin worden aangerekend, terwijl lusten meestal per persoon worden toegekend. Een koppel kan daardoor bijvoorbeeld 2 keer genieten van een woonbonus en dubbel zoveel dienstencheques aanvragen, maar een alleenstaande wel alleen moet opdraaien voor de Vlaamse energieheffing, de onroerende voorheffing, enz.

In het Brussels Gewest is de woonbonus afgeschaft voor leningen sinds 1 januari 2017. In ruil komt een korting op de registratierechten, die gelijk is voor koppels én alleenwoners. Die korting kan oplopen tot 21.875 euro. De Brusselse verlaging van de registratierechten voor de eigen woning is in mijn ogen een rechtvaardiger systeem dan de woonbonus die koppels een dubbel fiscaal voordeel geeft. De forse verlaging van de registratierechten geldt per woning en niet per persoon.
Open Vld Brussel geeft trouwens in haar verkiezingsprogramma aan de registratierechten te willen afschaffen voor woningen tot 230.000 euro. Vandaag geldt dit tot €175.000. De woonbonus levert trouwens pas een fiscaal voordeel op twee jaar na de aankoop en vergemakkelijkt dus de eigenlijke aankoop niet. De registratierechten daarentegen moeten bij de aankoop van de woning betaald worden, met eigen middelen. De banken laten immers niet meer toe dat men het volledige bedrag van de woning + de registratierechten leent. Een korting op die registratierechten geeft kopers dus wel een financieel duwtje in de rug.

Samenhuizen
Door de stijgende vastgoedprijzen kiezen steeds meer (jonge) mensen ervoor om samen een huis of appartement te huren of kopen. Onze regelgeving staat deze nieuwe vormen van wonen echter nog te vaak in de weg. Het is dus zeker tijd om deze grijze zone uit te klaren.

Er werden al een aantal eerste stappen gezet. Zo keurde het Vlaams parlement in oktober 2015 een voorstel van resolutie goed dat gericht is op het faciliteren van nieuwe woonvormen, zoals co-housing, samenhuizen en andere vormen van gemeenschappelijk wonen. De Vlaamse regering wordt hiermee onder andere verzocht om een wettelijk kader te creëren dat expliciet de rechten en plichten van co-housers schetst, de mogelijkheid te bieden om specifieke samenhuiscontracten of huurcontracten af te sluiten en alle mogelijkheden te geven aan alternatieve en innoverende woonconcep­ten.

In Brussel maakt men dan weer werk van een samenhuislabel. Vanaf 2017 moet dit label zowel eigenaars als medehuurders geruststellen over de financiële gevolgen van samenhuizen. De overheid kan er op die manier ook op vertrouwen dat in een woning met het label niet aan huisjesmelkerij wordt gedaan. Maar er zijn nog extra stappen nodig federaal. Dat overheden de bewoners in een samenhuisverband vandaag beschouwen als een ‘gezin’, zorgt voor veel problemen in de praktijk, zeker op het vlak van toekenning van sociale rechten. De huurwetgeving werd dan wel geregionaliseerd, maar de Federale regering zou een systeem moeten uitwerken waarbij men bij de burgerlijke stand van de gemeente een apart adres per huishouden in een samenhuisverband kan invoeren. Zo zouden twee alleenstaanden die samen een woning huren om de kosten te delen, officieel erkend kunnen worden als twee aparte eenpersoonshuishoudens.

Naar een modern erfrecht
De Belgische regels rond successierechten zijn een doorn in het oog van alleenwoners. Voor wie zijn erfenis wilt nalaten aan zogenaamde ‘derden’, bijvoorbeeld een goede vriend, nicht of petekind, geldt de maximale erfbelasting. In Vlaanderen betaalt de erfgenaam dan tussen 45 en 65 procent erfbelasting. In Brussel en Wallonië loopt dat zelfs op tot 80 procent. Je erfenis nalaten aan je kinderen of partner, levert de meest voordelige successierechten op, gaande van 3 tot 30 procent afhankelijk van het bedrag. Alleenwoners zonder kinderen hebben deze keuze gewoonweg niet.
Het Vlaams Gewest heeft in 2015 de schenkingsrechten op onroerende goederen wel fors verlaagd. Wallonië en Brussel deden hetzelfde in 2016. Op een jaar tijd werden er zo in Brussel maar liefst 162% meer schenkingen van onroerend goed gedaan. In Wallonië steeg het aantal met 51%.

Wij willen het erfrecht moderniseren, zodat iedereen één niet-familielid kan aanduiden dat tegen ‘familietarief’ kan erven. Dat zou  goed nieuws zijn voor mensen zonder naaste familie. Bloedverwantschap zegt toch ook niets over de emotionele band tussen mensen.

Zorgverlof
De premies voor thematische verloven voor alleenstaanden met zorg voor kinderen gingen op 1 juni 2017 fors omhoog. Het gaat meer specifiek om ouderschapsverlof, palliatief verlof of verlof voor medische bijstand, telkens voor kinderen. De voltijdse uitkeringen verhogen met 38%, tot €1.152,16 bruto. Dit zal alleenstaande ouders meer mogelijkheden geven om gedurende een bepaalde periode voor hun kind te zorgen.

Voor ons mag het echter niet stoppen bij ouders met kinderen. Wij willen dat verlof voor medische bijstand, bijvoorbeeld voor alleenstaande zorgbehoevenden, ook uitgebreid kan worden naar personen die geen directe verwantschap met de zorgbehoevende hebben, maar wel een aantoonbare nauwe band. In België kan je dus zorgverlof met een uitkering van de RVA opnemen om een zwaar ziek familielid (tot de tweede graad) te verzorgen of bij te staan, maar niet om je bijvoorbeeld over een zieke vriend te ontfermen. Om te zorgen voor een niet-verwante naaste of een familielid vanaf de derde graad, konden Belgen vroeger gebruik maken van tijdskrediet zonder motief. Sinds 1 januari 2015 geeft deze vorm van tijdskrediet echter niet langer recht op een uitkering van de RVA. Zieke alleenwoners die niet kunnen terugvallen op familie, moeten dus hopen dat iemand uit hun omgeving bereid is om onbetaald verlof te nemen om hen te verzorgen. Het palliatief verlof, om een ongeneeslijk zieke patiënt te verzorgen, is wel beschikbaar voor niet-familieleden. Dat verlofstelsel werd veel later ingevoerd en is daardoor beter aangepast aan de huidige samenleving.

Dat het ook anders kan, bewijst Nederland. Daar werden de regels in verband met zorgverlof aangepast, onder meer onder druk van belangenvereniging CISA (Centrum Individu en Samenleving). Vanaf 1 juli 2015 kunnen Nederlandse werknemers ook zorgverlof opnemen voor de noodzakelijke zorg voor mensen met wie ze een sociale relatie hebben, zoals een vriend of buur.

Awareness is being created
De belangenvereniging all1 ontstond uit de noodzaak om lawaai te maken voor de grote groep alleenwoners! Uit ervaring weet ik namelijk dat de raderen van de politiek vaak pas in de juiste versnelling schieten wanneer een onderwerp de nodige pers- en andere aandacht krijgt… Fluisteren in de politiek helpt niet.
De klok is intussen beginnen luiden. De problematiek van alleenwoners vindt steeds meer ingang bij de pers en dus bij het grote publiek. De meeste politieke partijen hebben intussen werkgroepen rond de problematiek opgestart of hebben de alleenwoner als politiek topic ‘ontdekt’. Het ziet er dus naar uit dat er best wel wat punten over alleenwoners op zullen worden genomen in toekomstige verkiezingsprogramma’s. Intussen werd er al singlesvriendelijk beleid gerealiseerd, zoals de hogere zorgpremies voor alleenstaande ouders, de verlaging van de schenkingsrechten, het afschaffen van de woonbonus en de forfaitaire gewestbelasting in het Brussels Gewest, de Mechelenbon, het faciliteren van gemeenschappelijk wonen, enz.

Alleen reizen
In het populaire Radio 2-programma ‘De Inspecteur’ riep Sven Pichal in de zomer van 2017 op om de singletoeslagen in de toeristische sector af te schaffen. Zijn bericht bereikte op enkele dagen tijd bijna 1 miljoen mensen. Meer dan 45.000 mensen reageerden op zijn oproep. Aangezien er zoveel mensen aangeven dat er iets moet veranderen, moet je verandering zelf kunnen afdwingen volgens de radiomaker. Radio 2 lanceerde daarom een singlevriendelijk label voor hotels, restaurants, … die wel een goede service geven aan alleenstaanden. De eenpersoonstoeslag of singlesupplement die veel hotels aanrekenen voor een kamer maakt alleen reizen enorm duur. Tegelijkertijd is de vraag naar een betaalbare reis op maat enorm groot onder de alleenstaanden. De toeristische sector heeft zich tot nu toe vooral gefocust op koppels en gezinnen. Dat zie je ook aan de indeling van de kamers. Maar daar lijkt nu toch eindelijk verandering in te komen. De laatste jaren duiken er steeds meer reisorganisaties op die groepsreizen aanbieden waar veel deelnemers zich alleen voor inschrijven. De accommodatie- en vervoerskosten worden dan gedeeld. Sinds kort bieden touroperators Neckermann en Thomas Cook singles tot bijna veertig procent korting voor een begeleide rondreis, zonder dat ze hun kamer hoeven te delen.

Ik interpelleerde de Brusselse minister-president over een toegankelijker toeristisch aanbod voor alleenreizers in Brussel. Volgens mij is er immers een taak weggelegd voor visit.brussels, het Brussels Agentschap voor Toerisme, om de hotelsector te sensibiliseren rond de singlestoeslag en om een specifieke marketingstrategie naar alleenreizers uit te werken. Brussel heeft als typische congresstad trouwens het voordeel dat veel hotels net in het hoogseizoen de prijzen van hun kamers verlagen, omdat ze vooral gericht zijn op congrestoerisme. Ideaal voor alleenreizers die op zoek zijn naar een betaalbare hotelkamer. In zijn antwoord beklemtoonde de minister-president dat visit.brussels bereid is om met de sector te overleggen rond betaalbare vakanties voor alleenstaanden. Dat is alvast een goed begin. Concreet zou ik willen dat visit.brussels werkt rond volgende punten:

  1. Verder onderzoeken wat de bestaande drempels zijn voor alleenreizers om voor een bezoek aan Brussel te kiezen.
  2. Sensibiliseren bij de Brusselse toeristische sector (hotels en touroperators) rond de singlestoeslag.
  3. Informatie helpen verspreiden over het bestaande Brusselse toeristische aanbod, dat al aantrekkelijk is voor alleenstaanden.

Wat we niet vragen …
In China krijgen vrouwelijke werknemers van twee bedrijven een wel heel opmerkelijk verlof. Het ‘date-verlof’ geeft de vrouwen acht dagen extra vrij om een geschikte partner te vinden. De bedrijven hopen daarmee het aantal vrijgezellen in het land te verminderen.
Zover moet men voor mij natuurlijk niet gaan… De Chinese singles’ day is intussen ook overgewaaid naar ons land. In de praktijk komt het neer op één dag per jaar waarop iedereen met korting online kan shoppen. Er is geen inhoudelijke boodschap aan verbonden en we merkten op de FB-pagina van all1 dat alleenwoners de marketing stunt niet echt konden smaken.

Optimism is a moral duty
Alleen wonen is zeker niet allemaal kommer en kwel. Het biedt tal van voordelen. Je doet wat je wil, wanneer je wil en met wie je wil. Je kan naar hartenlust knoflook eten en hoeft je benen niet te ontharen of ruzie te maken om de afstandsbediening. Je wordt niet wakker van je partners gesnurk. Het grootste voordeel is wel dat je jezelf erg goed leert kennen. Je hebt de tijd om na te denken over wie je bent, wat je wil, wat jouw verlangens en drijfveren zijn.

Voor velen in onze maatschappij betekent geen relatie hebben een mislukking. Succes wordt hieraan nog te vaak afgemeten en dat is jammer. Single zijn  is vaak geen bewuste keuze maar eerder het gevolg van een verandering in je leven.
De Amerikaanse psychologe Bella DePaulo verrichtte al heel veel onderzoek naar singles. Volgens haar moeten we dringend af van de stereotypering van singles als eenzame en verdrietige personen. Volgens haar leiden singles net vaak een bevredigender leven dan koppels. Koppels kijken vooral naar elkaar omdat ze denken dat dat zo hoort. Onderzoek toont aan dat zij in theorie vaak geïsoleerder en meer teruggetrokken leven dan hun vrijgezelle tegenhangers. Zelfs als ze kinderen hebben.

Er is al heel veel onderzoek gedaan naar eenzaamheid, maar wordt er wel vooral gefocust op de negatieve aspecten. Die zijn er ook, maar je mag het niet eenzijdig bekijken. Er is beginnend onderzoek dat nu eindelijk ook wetenschappelijk aantoont dat eenzaamheid goed is voor je persoonlijke groei, creativiteit en ontspanning. Maar er zijn ook gewoon veel mensen die tijd alleen doorbrengen net heel fijn vinden. Ze waarderen het in plaats van zich zorgen te maken over eenzaamheid. Cijfers staven dat vrijgezellen niet allemaal op zoek zijn naar onbezonnen plezier, maar dat ze net vaker vrijwilligerswerk en avondles volgen en ook heel zorgzaam zijn voor de mensen in hun omgeving. Daardoor hebben ze meestal een sterkere band met hun vrienden, familie en collega’s dan wie wel een relatie heeft. Singles staan meer open voor nieuwe ervaringen, zowel op het werk als in privésfeer. Door die open geest zouden ze beter voorbereid zijn op veranderingen dan mensen in een relatie en ze zouden zich als persoon ook meer ontwikkelen. Het zijn vaak mensen die gaan voor hun passies, die genieten van het leven en zelf uitmaken welke personen belangrijk zijn in hun leven in plaats van dat alles rond die ene ware draait. Ze bepalen hun eigen leven.

Carla Dejonghe
Brussels parlementslid Open Vld
Voorzitster all1 vzw

Aviva’s Column: De nieuwe economie is vrouwelijk

The Guardian noemde haar de nieuwe John Maynard Keynes, en je hoort ook zeggen dat ze een leesbare Piketty is. Beide stellingen zijn onwaar. Maar econoom Kate Raworth heeft met “Donut Economie – in zeven stappen naar een economie voor de 21e eeuw” een bestseller geschreven en een hype gecreëerd.

De nieuwste economische guru Kate Raworth is Keynes noch Hayek, ze is niet links en niet rechts, en zelfs niet helemaal puur economisch. Het is waar dat haar boek, in tegenstelling tot dat van Pïketty, van eerste tot laatste letter leesbaar is. Maar in tegenstelling tot het zijne is het niet geschreven àls een economisch werk met cijfers en onderbouwingen. Het hare komt vanuit de buik, het is emo-economie.  

In Donut Economie pleit de Britse Kate Raworth dat de mainstream economische modellen niet geschikt zijn voor dit tijdssegment, en stelt daar tegenover een eco-vrouwelijke economie voor de 21e eeuw. Dat legt ze uit met de tekening van een donut.

Beeld van een donut
Een kleine cirkel binnen een grote cirkel.  De ‘eetbare’ donut, het stuk tussen de getekende cirkels, is waar we willen zijn met de mensheid, de veilige en eerlijke haven. Het gat in de donut symboliseert armoede en tekorten die in de wereld bestaan. Wat aan de ander kant buiten de grootste cirkel valt, dat is de bovengrens waar we geen teen in kunnen zetten zonder de wereld uit te putten (milieuvervuiling,…).

Het model
Kate Raworth gebruikt zeven klassieke elementen uit het economisch denken (de markt, het marktevenwicht, de exponentiële groei …)  om die te voorzien van een andere insteek. De nadruk op het BBP en eeuwige groei moet het ontgelden als verouderd concept.  Voor haar dienen twee toetsstenen toegevoegd aan ieder economisch denken : een ecologische agenda en een minimale sociale rechtvaardigheidsopdracht. Het ene een plafond, het andere een drempel.  De drempels waar we volgens haar over moeten en het plafond waar we niet voorbij mogen, zijn doorslagjes van de de Milleniumdoelstellingen van de VN, waar Raworth nog voor gewerkt heeft.
Het is een pleidooi voor circulaire economie, zoveel is zeker. En ook voor redistributie. Niet alleen van inkomen, want het idee van basisinkomen is voor haar geen duurzame oplossing, zij meent dat ook de welvaart moet herverdeeld raken, en dan heeft ze het bijvoorbeeld over land.

Been there, not yet done that
Sommigen zeggen dat haar stellingen radicaal zijn. Nou… Uiteindelijk komt het toch weer neer op “terug naar markt + staat”. Misschien daarom dat niet zozeer groene dan wel conservatieve politici het lijken te omarmen.

Niets is nieuw. Raworth haalt inspiratie bij vrouwelijke duurzaamheidsdenkers uit de jaren 70 en 80. Donella Meadows bijvoorbeeld, een van auteurs  van ‘de grenzen aan de groei’ uit 1972.  Ze neemt stukjes van hun ideeën om ze in haar eigen frame te passen. Dat is prima om aan te geven dat die ideeën nog steeds fris zijn en dat het misschien pas nù is dat de geesten er meer rijp voor zijn, maar het is wat kort door de bocht als het voorgesteld wordt alsof er sindsdien niet meer nagedacht werd, geen nieuwe inzichten ontwikkeld.
“Het gaat niet om het ik en nu, maar om het wij en later,” zegt Balkenende, die grote fan is. Maar liberalen zien het minder beperkend: het moet wel degelijk blijven gaan om ik en nu, zonder het totaalplaatje van wij en later uit het oog te verliezen.
Al bij al een boek dat, hoewel het oude ideeën nieuw verpakt en anders samen schikt, belangrijke lectuur biedt, omdat het aanzet om breder over economie na te denken dan we op dit moment doen, en omdat het de stelling aanhangt dat economie te belangrijk is om haar enkel aan de economen over te laten. Daardoor kunnen wij Raworth haar eerder retorische pleidooi wel vergeven.

Aviva Dierckx
eerder verschenen in Volksbelang

“Donut Economie” van Kate Raworth  uitgeverij Nieuw Amsterdam, 352 blz. ISBN 9789046823187